'De Britten hebben de brexit, wij hebben het vrouwenquotum.' Dat is een grap die Caroline Princen weleens maakt. Als voorzitter van de Commissie Monitoring Streefcijfer, die sinds zes jaar het aantal vrouwen in de top van de grote vennootschappen meet op verzoek van de overheid, kan ze maar weinig onderwerpen bedenken die mensen zo tot op het bot verdelen. 'De weerstand tegen een quotum is massief. Maar toch spreek ik steeds meer ceo's die zeggen: kom maar op dan. Geef ons maar een target.'

Er is een gerede kans dat minister Ingrid van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap dat inderdaad zal doen. Een quotum is een van de maatregelen die de Sociaal-Ecomische Raad (SER) adviseert in het kloeke rapport dat de raad vrijdag uitbrengt. Vorige week pleitte D66-Kamerlid Vera Bergkamp al voor een quotum bij beursgenoteerde bedrijven.

‘Ik spreek steeds meer ceo's die zeggen: kom maar op dan. Geef ons maar een target.’
Caroline Princen

Het advies kwam tot stand nadat de minister vorig jaar de cijfers van het rapport van de commissie Monitoring Streefcijferwet in ontvangst nam en de resultaten 'om te huilen' noemde. Ze beloofde stevige maatregelen als er niet gauw meer vrouwen in de bestuurskamers kwamen, en vroeg de SER om hiervoor een advies te schrijven voor als de Wet Streefcijfer op 1 januari 2020 afloopt. Dat advies ligt er nu, en het bedrijfsleven kan zich inderdaad opmaken voor stevige maatregelen.

Als het aan de SER ligt, komt er een vrouwenquotum van 30% voor de rvc's van beursgenoteerde bedrijven. Bedrijven die daar niet aan voldoen, zullen bij een vacature de stoel leeg moeten laten als ze niet vrouwen benoemen. Voor de ongeveer 5000 grote vennootschappen in Nederland adviseert de raad een verplichting om zelf streefcijfers voor hun rvb, rvc en subtop op te stellen.

Wordt hiervan afgeweken, dan zullen ze dat moeten motiveren en rapporteren. 'En dat is niet een vrijblijvend iets,' benadrukt Mariëtte Hamer, voorzitter van de SER. 'Ze moeten hun plannen publiceren, ze moeten laten zien wat hun voortgang is, dat willen we minder vrijblijvend maken dan het nu is.'

Belangrijk signaal

Caroline Princen noemt het advies een grote sprong voorwaarts. 'Het feit dat er nu unaniem vanuit de SER een quotum wordt voorgesteld, dat is een belangrijk signaal.' Maar wat haar betreft is het nog niet genoeg. Uit de cijfers van de Bedrijvenmonitor Topvrouwen 2019, die ook vandaag wordt gepresenteerd en waar de SER haar advies op heeft gebaseerd, blijkt dat in 2018 12,4% van de zetels in de rvb's en 18,4% in de rvc's was bezet door vrouwen.

'In zes jaar tijd zijn we 6% opgeschoten,' zegt Princen. En dat is slechts te danken aan een kleine groep bedrijven die zich houdt aan de streefcijferwet. 'Het overgrote deel van de bedrijven doet dat niet en rapporteert hier ook niet over.' Princen zou daarom liever een quotum zien voor rvc's én rvb's, dringt aan op een strenge handhaving van de transparantieplicht. 'Als het bij een streven blijft, dan leert de ervaring: dat zet gewoon geen zoden aan de dijk.'

Bedrijven moeten er achter staan

Mariëtte Hamer wijst er echter op dat een quotum niet werkt als de bedrijven er niet achter staan. 'Je kunt op twee manieren naar dit advies kijken: je kunt zeggen dat we niet zover gaan als andere landen. Maar het is wel voor het eerst dat de SER met het bedrijfsleven daarin vertegenwoordigd voor een quotum adviseert. Daarbij hebben we in aanmerking genomen dat het een lastige discussie is. Natuurlijk willen we toe naar een evenredige vertegenwoordiging. Maar het is ontzettend belangrijk dat daar een breed draagvlak voor bestaat.'

Dat draagvlak is er nu. Hans de Boer, voorzitter van ondernemersorganisatie VNO-NCW, vond een quotum altijd een zwaktebod, maar schaart zich nu toch achter deze radicale trendbreuk. ‘Wij hebben als VNO-NCW de afgelopen jaren veel stappen gezet om te zorgen voor meer topvrouwen. Maar we moeten constateren dat het te langzaam gaat.’

Bron: FD.nl