Bias challenge: goede koffie, goed gesprek

Deze maand: Marjan van Loon & Bernard Wientjes

Op het Jaarevent van Stichting Topvrouwen in september 2017 riepen BNR-radiomakers Petra Grijzen en Marlise Hamaker het publiek op een ‘partner’ te vinden, liefst van het andere geslacht en buiten de comfort zone, om dit jaar een aantal keer koffie te drinken. Via deze bias challenge kom je in contact met iemand die je anders leert kijken en je helpt gender gaps te detecteren – en er korte metten mee te maken. Marjan van Loon, president-directeur van Shell Nederland, vertelde op het podium graag eens koffie te willen drinken met Bernard Wientjes (voorzitter Taskforce Bouwagenda, voorzitter Rijksmuseum Fonds, voorzitter RvC KPMG). Wat leverde het op?

Toegegeven: helemaal buiten elkaars comfort zone bevinden Marjan van Loon en Bernard Wientjes zich niet. Ze maken deel uit van eenzelfde inner circle – zo zit Van Loon in het algemeen bestuur van VNO-NCW, terwijl Wientjes eerder voorman was van diezelfde werkgeversvereniging – en ze hebben grote interesse in dezelfde dossiers: de energietransitie en verduurzaming van Nederland. Wientjes wil vanuit de Taskforce Bouwagenda de sector flink verduurzamen en Van Loon is met Shell Nederland druk met de overgang van fossiele brandstoffen naar een duurzame energievoorziening. Maar ondanks al deze common ground hadden topman en topvrouw elkaar nog niet eerder ontmoet. Wientjes: “Onbegrijpelijk eigenlijk, dus het was de hoogste tijd voor een kennismaking. In alle eerlijkheid: tijdens het Jaarevent van Stichting Topvrouwen werd mij van tevoren ingefluisterd dat ik wellicht ‘ergens’ voor gevraagd zou worden, maar ik had geen idee voor wat. En toen was Marjan daar op het podium met de vraag of ik koffie wilde drinken. Ik was verrast en oprecht vereerd.” Van Loon: “Heel mooi dat Bernard meteen zo enthousiast was. Daags na het Jaarevent kreeg ik al een mailtje: het gaat toch door hè, Marjan? Ik koos niet voor niets voor hem. Ik weet dat VNO-NCW de doorstroom van vrouwen naar de top een warm hart toedraagt. Als voormalig voorzitter van VNO-NCW, en ook in zijn huidige functies, staat Bernard daar hetzelfde in. En hij kent de BV Nederland als geen ander. Dus naast gender gaps konden we het mooi ook meteen over een gedeelde agenda hebben.”

Opschalen en omturnen

De afspraak vond plaats in november 2017 op het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en het gesprek kwam meteen goed op stoom. Van Loon: “We hadden het vrijwel meteen over de energietransitie en verduurzaming. Niet alleen Shell, maar ook de bouw staat voor een grote uitdaging.” Wientjes: “Ik heb met bewondering gekeken hoe empathisch Marjan omgaat met Groningers die te maken krijgen met aardbevingen. Het was mooi haar eens persoonlijk dat compliment te kunnen maken. Daarna gingen we naadloos door op verduurzaming, ook van ‘mijn’ sector, de bouw. Dat is inderdaad een extreem grote opgave: er moeten in ongeveer 8000 werkdagen zo’n 7,5 miljoen huizen verduurzaamd worden, terwijl de teller nu slechts op enkele tientallen per week staat. Een kwestie van flink opschalen dus. Of er vanwege die transformatie juist vrouwen nodig zijn? Jazeker! De bouw heeft nieuw talent nodig. Ingrid Thijssen zei ooit dat de energietransitie te belangrijk is om alleen aan mannen over te laten, niet omdat die mannen incompetent zijn, maar omdat je beide seksen nodig hebt om elkaars blinde vlekken op te heffen. Dat ben ik roerend met haar eens. Los daarvan is het natuurlijk waanzin zoveel talent links te laten liggen. Meer vrouwen in de bouw is absoluut een haalbare kaart, alleen al omdat het werk steeds minder fysiek wordt: in de toekomst komt bouwen neer op het ontwikkelen van duurzame installaties met daaromheen 4 muren die uit de 3D-printer komen. Ook aan de top zie je dat er genoeg competente vrouwen beschikbaar zijn, die uitmuntend presteren. De Taskforce bestaat uit een aantal ‘apparatsjik’, zoals ik ons gekscherend noem – bestuurders waar ik zelf ook deel vanuit maak – en specialisten. Eén van die specialisten waar ik veel respect voor heb is Johanna Meijboom van Siemens, die zich binnen de Taskforce onder meer bezighoudt met de verduurzaming van scholen. Zij doet dat met zoveel kennis en kunde en zit prima op haar plek, ook al is de bouw nog overwegend masculien. Ook Marjan laat met Shell zien dat het kan – zij turnt het concern om tot een plek waar nog meer vrouwen welkom zijn aan de top en de lagen eronder.” Vorig jaar vertelde Van Loon in een interview met Topvrouwen.nl dat de Shell-populatie inmiddels uit zo’n 30 procent vrouwen bestaat. Aan de top gaat het om 28 procent (de twaalfkoppige board telt 5 vrouwen). Bij Shell Nederland liggen die percentages lager: de top bestaat hier uit 20 procent vrouwen. “We zien deze percentages elk jaar groeien, maar we realiseren ons dat we er nog niet zijn. We hebben immers nog niet die kritische massa van 30 procent bereikt, en dat is wel nodig om te voorkomen dat zaken te veel door een mannelijke lens bekeken worden en om biases weg te nemen”, zei ze destijds.

Kritische massa

Wientjes maakte dankbaar van de gelegenheid gebruik om Van Loon als ‘dubbele ervaringsdeskundige’ – een vrouw op een toppositie én een vrouw die de doorstroom van vrouwen binnen haar bedrijf stimuleert – advies te vragen over verdere vervrouwelijking van bijvoorbeeld KPMG, waar hij voorzitter is van de Raad van Commissarissen. “Wat de instroom bij KPMG betreft gaat het goed, 40 procent van de binnenkomers is vrouw. Ik vind het mooi om te zien dat KPMG intrinsiek gemotiveerd is meer vrouwen aan de top te verwelkomen, maar ook geëmancipeerd wórdt door grote klanten die gebalanceerde teams eisen. Toch is momenteel slechts 12 procent van de partners vrouw en dat is echt onder de maat. Bovendien zoeken wij een nieuwe CEO en het is geen geheim dat ik op die plek graag een vrouw zou zien. Ik wilde van Marjan wel eens weten hoe ik dat aanpak.” Van Loon: “Zoiets lukt alleen als je jezelf er echt toe zet op zoek te gaan. Er zijn genoeg gekwalificeerde vrouwen, maar kiezen voor de bekende weg blijft verleidelijk. Zoek intensiever en vooral breder. Bernard was dat roerend met me eens.” Wientjes: “Marjan heeft laten zien dat echte inspanning tot echte resultaten leidt. Ik heb vooral haar opmerking dat je moet zorgen voor kritische massa in mijn oren geknoopt. Het streefcijfer is niet voor niets 30 procent. Die ondergrens zorgt ervoor dat vrouwen zich niet te veel hoeven aanpassen aan mannelijke peers, en voorkomt hopelijk dat vrouwen afhaken omdat zij het idee hebben niet voldoende uit de verf te komen. Een prima advies.” Van Loon: “Bernard is niet voor quota van overheidswege, maar vindt dat bedrijven zichzelf quota moeten opleggen. Persoonlijk ben ik wel voor quota vanuit de overheid. Je ziet over het algemeen dat jongere vrouwen tegen zijn – die zijn bang dat ze niet op hun merites beoordeeld worden, maar dat ze gekozen worden omdat ze vrouw zijn. Heb je meer ervaring, dan verandert je opinie: het veranderen van de status quo vergt simpelweg een drukmiddel. Het idee dat vrouwen er om de verkeerdere redenen komen, is outdated. We moeten echt voor kritische massa zorgen.” Wientjes: “Ook intrigerend: je zei erbij dat we meteen moeten kiezen voor een steengoede, ijzersterke vrouw.” Van Loon: “Vrouwen aan de top representeren hun sekse. Heeft een vrouw minder succes, dan denken mensen te snel: zie je wel. Dat heeft dus ook weer te maken met die kritische massa ¬ – alleen als er genoeg vrouwen zijn kijken we met andere ogen naar elkaars prestatie. Dan zien we ieders toegevoegde waarde, omdat de mannelijke benadering niet langer de norm is.”

Droomkoppel

Al met al zijn beiden erg tevreden over de koffiedate. Van Loon: “Bernard en ik zullen vaker met elkaar afspreken. Tijdens zo’n afspraak kun je elkaar inspireren. Ik weet bijvoorbeeld dat veel seniormanagers de wisselende boodschappen over doorstroom van vrouwen ingewikkeld vinden. De ene vrouw is mordicus tegen quota, de ander wil het juist wel. Het is goed als leiders een open dialoog hebben, je kunt dan overleggen hoe je het aanvliegt en wat je uitdraagt naar de lagen onder de top. Bijvoorbeeld door elkaar erop te wijzen dat je niet zelf het wiel hoeft uit te vinden: er is veel kennis beschikbaar, uit verschillende onderzoeken blijkt dat diversiteit werkt. De belangrijkste gender gap van dit moment is dat er te weinig moeite gedaan wordt vrouwen in het zadel te helpen. We hebben mannen én vrouwen nodig die dat extra stapje zetten. Zou iemand rond de samenstelling van het nieuwe, erg mannelijke kabinet, Mark Rutte gewezen hebben op het bestaan van de database van Topvrouwen.nl? Zoniet, dan is dat toch een gemiste kans?” Ook Wientjes ziet de voordelen van koffiedates. “Je zou ook mannen die nog weerstand voelen in contact moeten brengen met een vrouw als Marjan, of iemand anders die de voordelen van diversiteit net zo goed kan uitleggen.” Van Loon: “De koffiedates an sich gaan niet zorgen voor een betere doorstroom, maar ze helpen wel mee: je geeft elkaar een duwtje en je houdt aandacht voor het onderwerp.”
Blijven verbinden en inspireren dus. Wie zouden er goede kandidaten zijn voor een volgende koffiechallenge? Van Loon hoeft er nog geen seconde over na te denken: “Minister Ingrid van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Zij zou eens met Jan Peter Balkenende van de Dutch Sustainable Growth Coalition (DSGC) moeten praten over hoe de doorstroom van vrouwen meer tractie krijgt en aan welke knoppen zij samen kunnen draaien. Gelijke rechten voor mannen en vrouwen en empowerment van vrouwen en meisjes is immers één van de werelddoelen voor duurzame ontwikkeling. Het is méér dan nuttig daar eens over te spreken bij een kop koffie.” Een ‘droomkoppel’ dus: Stichting Topvrouwen is het er roerend mee eens. Wordt vervolgd.

Tekst Nicole Gommers