Dat in Nederland voor elke toppositie – of het nou gaat een baan als CEO van een corporate of de functie van minister-president – een gekwalificeerde vrouw gevonden kan worden, daar twijfelt minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) niet aan. Gendergelijkheid vindt hij zinnig en niet eens zozeer vanuit een financiële bril: “Fairness is de basis van mijn piramide van Maslow.”

Met zijn 44 jaar en zijn duidelijke visie op het belang van gemêleerde topteams – of die nou actief zijn in het bedrijfsleven of de politiek – is minister Wopke Hoekstra de stem van een generatie die niet langer vindt dat het pluche als vanzelfsprekend voorbestemd is voor hoogopgeleide mannen van middelbare leeftijd, met ongeveer dezelfde achtergrond en van vergelijkbare afkomst. Hoekstra heeft vanaf het begin van zijn politieke loopbaan geen ruimte gegeven aan reflexen die er bij benoemingen voor zorgen dat het balletje haast automatisch naar een man rolt. “Bij mijn aantreden hier op het ministerie heb ik met secretaris-generaal Manon Leijten in kaart gebracht welke vrouwen geschikt waren voor de verschillende benoemingen die zich zouden aandienen. Likes attract likes, bewust of onbewust, dat is een bekend fenomeen. Je kunt mensen slechts beperkt kwalijk nemen dat zij bij benoemingen graag kiezen voor iemand in wie zij zich herkennen. Daarom is het uitermate belangrijk bewust met dit thema bezig te zijn en te zorgen voor divers samengesteld selectieteams, want die kijken met een diverse bril naar de capabilities van kandidaten. Dat werkt in de politiek én in het bedrijfsleven.” 

Het is verleidelijk te denken dat Hoekstra als minister van Financiën het belang van het thema gendergelijkheid vooral bekijkt vanuit een financiële bril, maar niets blijkt minder waar. “Mijn Maslow-piramide begint met fairness. Het moet eerlijker: toptalent moet gelijke kansen krijgen. Voor sommige bedrijven helpt het wellicht dat er in gendergelijkheid een opportunity zit, maar ik zie er vooral het nut van in als het thema diversiteit vanuit intrinsieke motivatie omarmd wordt – het werkt contraproductief als teams contre coeur divers ingevuld worden.”

‘Ik ben een feminist’

Hoekstra was begin november gastspreker op de 106e dies natalis van de Erasmus Universiteit Rotterdam, waar hij samen met andere prominenten – ook Nobelprijswinnaar Esther Duflo kreeg het podium – stilstond bij het feit dat het 50 jaar geleden is dat professor Jan Tinbergen de Nobelprijs voor de Economie ontving. Tinbergen was grondlegger van het eerste nationale macro-econometrische model en werd beroemd met zijn uitspraak ‘Van de verdeling komt de winst’, waarmee hij doelde op de verdeling van werk, op zo’n manier dat zowel ons land als de bewoners zouden floreren. Anno 2019 zou je, ruim interpreterend, die uitspraak een nieuwe dimensie mee kunnen geven: van een eerlijke man/vrouwverdeling in de bestuurskamer komt de winst – in harde valuta zoals Hoekstra’s voormalig werkgever McKinsey in 2018 becijferde, maar ook in termen van toekomstbestendigheid: organisaties kunnen slechts succesvol zijn als zij een afspiegeling zijn van hun stakeholders. Een eerlijke man/vrouwverdeling aan de top begint bij een gelijkwaardige behandeling van talent, los van gender – daarvan is Hoekstra overtuigd. Om zijn visie inzichtelijk te maken, haalt hij met regelmaat zijn bijzondere familiegeschiedenis aan – zo ook op de recente Tinbergen-lezing. “Ik vertelde op het podium over mijn grootmoeder. Haar vader, mijn overgrootvader dus, had intellectuele kwaliteiten, maar zwaaide af in zijn laatste jaren van de middelbare school. De spijt die hij daarover later voelde, zorgde ervoor dat hij zichzelf beloofde dat hij ál zijn kinderen met talent de mogelijkheid zou geven te studeren, ook al was hij geen vermogend man.” Die belofte hield hij, wat ertoe leidde dat Hoekstra’s grootmoeder eind jaren ’20 van de vorige eeuw in Groningen Nederlandse literatuur ging studeren. “Zeer ongebruikelijk voor die tijd – studeren was voor weinigen weggelegd en van die minderheid was een nog veel kleinere minderheid vrouw. Educatie en gelijke kansen zijn voor iedereen, ook vandaag, van groot belang. De kans om zich te verheffen heeft de toekomst van mijn oma vorm gegeven, en daarom zeg ik met regelmaat dat ik een feminist ben – onlangs nog in de Eerste Kamer. Ik wil graag prikkelen, want men verwacht een dergelijke uitspraak niet van een man in een blauw pak, maar ik het meen het absoluut. Het is de opdracht voor deze generatie als geheel – voor mij en voor iedereen op een positie met invloed – om diversiteit te realiseren. Dat is niet vrijblijvend. Er is no free lunch wat dit belangrijke thema betreft.” 

Schaart het kabinet zich achter het quotum? 

Een dergelijke bijzondere familieachtergrond nestelt zich blijkbaar diep in het familiare DNA, want de progressieve lijn in Hoekstra’s familie zette zich voort. Op het Jaarevent van Topvrouwen.nl in 2018, waar Hoekstra startschot gaf voor het initiatief #Equality2020 – een oproep voor meer man/vrouwbalans in de top van het bedrijfsleven – vertelde Hoekstra daar ook al over. “Dat ging over de rode Volkswagen Kever van ons gezin en hoe ik als klein mannetje blijkbaar al zo beïnvloed was door rolpatronen, dat ik ervan uitging dat die auto door mijn vader was gekocht.” Dat bleek toch net even anders te zitten: “Mijn moeder had de auto betaald, van haar eigen salaris. Zij had na haar studie eerder een inkomen dan mijn vader, die nog bezig was met zijn opleiding tot medisch specialist. Toen zij me dat lachend vertelde, veranderde dat mijn blik op hoe de verhoudingen lagen.” 

Tot op de dag van vandaag is Hoekstra alert op dergelijke aannames en vooroordelen die diversiteit in de weg zitten, maar dan wél vanuit het idee dat het glas halfvol is. “Het goede nieuws is dat  steeds breder wordt beleefd en erkend hoe belangrijk gendergelijkheid en een snellere doorstroom van vrouwen naar topposities is. Het is volstrekt logisch dat vrouwen hier doorlopend aandacht voor vragen, omdat de situatie nog niet in de buurt van goed genoeg komt. Toegegeven, dat gaat bepaald niet met de snelheid van het licht, maar we hebben het belang van dit thema scherper op het netvlies dan pakweg 10, 15 jaar geleden. Ik ben blij dat gendergelijkheid ook onderwerp van discussie is op dit ministerie en bij de staatsdeelnemingen waarvoor ik verantwoordelijk ben.” 

Over de vraag of het kabinet zich schaart achter het onlangs door de Sociaal-Economische Raad voorgestelde ingroeiquotum voor raden van commissarissen van het beursgenoteerde bedrijfsleven, wil en kan Hoekstra zich tijdens het interview nog niet uitspreken – het kabinet als geheel komt te zijner tijd met een eensluidend besluit. (Naschrift redactie: kort na het interview wordt duidelijk dat het CDA het voorstel steunt en dat de Tweede Kamer instemt met het ingroeiquotum.) Voor de goede verstaander zijn er echter positieve signalen genoeg: “Minister van Engelshoven is als minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap terecht zeer gepassioneerd met dit onderwerp bezig. Veelzeggend is dat de KVP – voorloper van het CDA – in 1956 de eerste vrouwelijke minister leverde, Marga Klompé, en daarna een sloot aan vrouwelijke bewindspersonen. Ook homoseksuele bewindspersonen overigens, want diversiteit is natuurlijk breder dan gender alleen. Dat dat binnen deze partij mogelijk is, maakt dat ik me hier thuis voel.”

Kroonprinsen versus kroonprinsessen

Dat er over de hele politieke breedte echter nog veel te veranderen valt aan man/vrouwverhoudingen bewijst de muur met fotoportretten van de voorgangers van Hoekstra op het ministerie: er hangt geen enkele vrouw tussen. Voor de staatssecretarissen geldt hetzelfde. “Natúúrlijk is het een brandende wens dat te doorbreken en natúúrlijk is Nederland daar klaar voor. Ik kan geen baan bedenken – of je het nu hebt over het CEO-schap van een corporate, de functie van minister van Financiën of de functie van minister president – waarvoor geen geschikte, hooggekwalificeerde vrouw te vinden is.” Saillant detail is wellicht dat het tijdschrift Vrij Nederland deze zomer schreef dat Hoekstra de enige serieuze premierskandidaat is – waarop Mona Keijzer, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, in een interview met het Algemeen Dagblad benadrukte dat er ook kroonprinsessen in de coulissen staan te trappelen voor deze functie, zijzelf incluis. Hoekstra kijkt er niet van op: “Aangezien er voor álle topfuncties geschikte vrouwen te vinden zijn, zijn er ook veel vrouwen met grote ambities. Vrouwelijke benoemingen zullen steeds normaler worden. Het gaat er nu om te zorgen voor meer snelheid, om uit te vinden welk breekijzer we kunnen benutten. Het is een flink varken dat gewassen moet worden, maar Nederland gaat haar achterstandspositie op dit vlak inlopen.” 

Ook al is ons land laat met emanciperen, eerdere golfbewegingen uit de geschiedenis geven Hoekstra vertrouwen “In 2019 vieren we 100 jaar algemeen kiesrecht. We herinneren ons een tijd van censuskiesrecht, van mannenkiesrecht en tenslotte van algemeen kiesrecht: een hele transitie. Ook op dit thema vindt een transitie plaats. Op enig moment in de toekomst zullen we terugkijken op deze tijd en dan kunnen we het kantelpunt aanwijzen: het moment waarop de inzet voor gendergelijkheid vruchten af ging werpen. Om zover te komen, moet deze generatie ervoor zorgen dat het onderwerp pregnant op de agenda blijft.”

Gendergelijkheid is onontkoombaar

Het belang van een soepelere doorstroom van vrouwen naar de topgremia van het bedrijfsleven op elke boardroomagenda én op de politieke agenda krijgen, dat is precies waarvoor Topvrouwen.nl zich de afgelopen 4 jaar voor heeft ingezet. Ziet de minister Topvrouwen.nl hiermee als gamechanger? “Topvrouwen.nl heeft vrouwen de afgelopen jaren vanuit hun kracht gepositioneerd. Dat is vooral een succes geworden omdat dat op een open, verbindende manier gebeurd is, oplossingsgericht in plaats van verwijtend. Door een initiatief als Topvrouwen.nl lukt het de voorlopers nu de bulk mee te krijgen. Hoe we kunnen versnellen is nog onderwerp van discussie, maar dát de broodnodige versnelling er komt, staat als een paal boven water. Het is onontkoombaar – er zit echte verandering aan te komen.”

Tekst Nicole Gommers